Geschiedenis


Ontstaan van Ju-Jitsu

Ieder wezen in de natuur is er in de eerste plaats op uit om te overleven, zowel individueel als voor heel de soort. Hiertoe zal het op zoek gaan naar voedsel en zich voortplanten. Omdat levende wezens meestal hun energie moeten halen uit andere levende wezens is het dikwijls een kwestie van eten of gegeten worden.

Om te overleven zal ieder wezen er daarom moeten voor zorgen om aan voedsel te geraken zonder zelf prooi te worden. Hiertoe zal het allerlei trucjes en technieken ontwikkelen, gaande van een camouflagekleur over geurafscheiding tot vecht- en vluchtreacties.

De eerste "verdedigings"-technieken zullen eerder toevallig ontstaan zijn. Door meerdere positieve ervaringen leert het individu zich doeltreffend te verdedigen. De grote hersenen van de mens stellen hem in staat deze ervaringen te bundelen, te analyseren en over te dragen aan de volgende generaties. Op die manier ontstaat een "vechtkunst".

Verschillende bevolkingsgroepen verspreid over de ganse wereld hebben gelijkaardige evoluties doorgemaakt, maar dankzij de verschillende leefomstandigheden is er een grote variëteit van vechtkunsten ontstaan. Zichzelf of zijn familie en bezittingen beschermen is dus van alle tijden en van alle contreien. Japan heeft hierop géén monopolie, maar door de latere invoer van vuurwapens op het slagveld is de evolutie van de krijgskunsten daar wel op een hoger niveau gebeurd dan in bijvoorbeeld West-Europa.

Japan

De strijd op het slagveld werd in eerste instantie beslecht door het gebruik van boog en pijl (Kyu-jutsu), de lans of speer (So-jutsu) en het zwaard (Ken-jutsu). Wanneer de samurai ontwapend werd, was het noodzakelijk ongewapend te kunnen verder vechten. Als aanvulling op de wapen-systemen werd daarom het yoroi kumi uchi beoefend. Na 1600 onderging het kumi-uchi een aantal veranderingen en werd de term jujutsu meer gebruikt. Ook andere benamingen van ongewapend vechten, meestal als aanvulling op een gewapende kunst kwamen voor: yawara, tai-jutsu, wa-jutsu.

Het echte begin van het jujutsu is te situeren rond 1600 à 1650 met het ontstaan van verschillende scholen waarvan de voornaamste waren: Kito Ryu en Tenshin-Shinyo Ryu. Elke school specialiseerde zich in zijn eigen technieken die opgetekend werden in geheime schriften (densho). Volgens Donn Draeger bestonden er in het Edo-tijdperk meer dan 700 ryu (scholen), die ju-jitsu-achtige bewegingen in hun repertoire hadden (Classical budo, blz 120).

Uiteraard zijn er veel overeenkomsten, want, zoals reeds dikwijls gezegd: "een mens heeft maar twee armen en twee benen". Maar toch vinden we in de huidige scholen soms toch een grote verscheidenheid aan technieken.